Historische stadsplattegronden van Hoorn

Frans Kwaad

Home
Mail


Inleiding
Oude stadsplattegronden zijn een belangrijke bron van informatie bij de studie van de geschiedenis van een stad, maar ook een middel voor de huidige inwoners van de stad om een soort ontdekkingsreizen door de stad te maken op zoek naar overeenkomsten en verschillen tussen vroeger en nu. Om deze redenen worden op deze pagina van de website van Oud Hoorn een aantal historische plattegronden van de stad getoond, vergezeld van een korte toelichting. Gedetailleerde informatie over het het stadsbeeld van Hoorn tijdens een hoogtepunt uit haar geschiedenis is voorts te vinden op de maquette van Hoorn rond 1650.


Groei, bloei, verval en herstel van Hoorn
De oudste bewoningssporen van Hoorn zijn tot dusverre aangetroffen op vier meter diepte onder het plaveisel van de Rode Steen. Ze dateren uit het begin van de 13e eeuw. Vanaf die tijd is Hoorn geleidelijk uitgegroeid tot een inwonertal van 15 à 16.000 in de zeventiende eeuw. Stadsomwallingen zijn gebouwd in 1426, 1508, 1577 en 1615. In 1649 bereikte Hoorn met de laatste havenuitbreiding zijn grootste omvang. Kort daarna begon een lange periode van economische achteruitgang en verval. In 1688 werd voorgesteld om de Oosterhaven te verkleinen wegens de afgenomen behoefte aan havenruimte. Al omstreeks 1720 werd het verval van handel en scheepvaart door de tijdgenoten als definitief beschouwd. In de 18e eeuw was de VOC nog de enige kurk waarop Hoorn dreef. Volgens Lesger (1990) moeten omstreeks het midden van de 18e eeuw de havens van Hoorn een desolate indruk hebben gemaakt. Na 1744 woonde er geen enkele grote koopman meer in de stad vlg. Bonke en Bossaers. In 1795 was het inwonertal volgens de eerste officiële volkstelling afgenomen tot 9.551. Deze demografische ontwikkeling heeft met zich meegebracht, dat er in de 17e eeuw relatief veel, in de 18e eeuw minder en in de 19e eeuw nog minder is gebouwd in Hoorn. In feite zijn er in de periode 1650-1850 veel meer huizen afgebroken dan bijgekomen. Tussen 1795 en 1814 werden 1600 huizen en pakhuizen gesloopt. In 1830 waren hele straten ontvolkt. Er zijn daardoor grote gaten gevallen in de bebouwing van de stad binnen de wallen.

In 1872 vatte een Engelse reiziger zijn indrukken als volgt samen: "Hoorn is als een oude vrouw, welker vermagerde ledematen nog met veel te wijd geworden kleren zijn omhangen, Enkhuizen lijkt een uitgestrekt kerkhof en Medemblik een graf." (Brouwer, 1938). Een betrouwbaar kaartbeeld van de afbraak tussen 1650 en 1850 hebben we niet. We kennen geen plattegronden van de stad tussen die van Blaeu uit 1630 en die van Doesjan uit 1794, waarop de achteruitgang van het huizenaantal valt af te lezen. De kaart van Tirion uit 1743 geeft geen gedetailleerde informatie over de bebouwing. Op de kaart van Doesjan uit 1794 is te zien, dat er belangrijke gaten zijn gevallen op het Baadland, de Binnenluiendijk, de Italiaanse Zeedijk, de Vesten en tussen Gouw en Ramen. Volgens Saaltink (1980) geeft de kaart van Doesjan waarschijnlijk echter een te rooskleurig beeld van de bebouwing in 1794. De eerste kadastrale kaart van Hoorn door Van Diggelen (copie Van der Horst) uit 1823 toont duidelijk het resultaat van de achteruitgang van de stad en de afbraak tot 1823. Dit was wel het dieptepunt. De meeste bebouwing is verdwenen in het havenkwartier. Het centrale deel van de stad schijnt wat minder geleden te hebben, hoewel er in1823 geen straat was zonder een aantal gaten in de bebouwing (Saaltink, 1980). Rond ca. 1850 begon een langzaam herstel.

Bevolkingsontwikkeling.
Aantal inwoners:
1400    3.500                     1870    9.600
1470    7.000                     1880  10.300
1520    5.000                     1890  11.100
1630  14.000                     1900  10.800
1730  12.000                     1910  11.000
1795    9.500                     1920  11.500
1810    8.200                     1930  12.000
1830    7.500                     1940  13.000
1840    8.700                     1950  14.700
1850    9.100                     2000  64.600
1860    9.400

Veranderingen in het stadsbeeld
Stadswallen en stadsgrachten
     In 1426 kreeg de stad haar eerste omwalling (een aarden wal) met voorliggende gracht. Deze wal heeft gelopen van de Westerpoort (aan het begin van de dijk nabij de Parkschouwburg), langs de binnenzijde van de huidige Westersingel naar de Noorderpoort (aan het eind van het Kleine Noord), langs de Veemarkt tot het Nieuwe Noord, vandaar langs de Gedempte Turfhaven en Turfhaven tot de Oude Oosterpoort aan het begin van het Grote Oost (hoek Zon-Slapershaven).
     In 1508 werd een groot deel van de stadswal vervangen door een muur die liep van de Westerpoort naar de Noorderpoort (aan het begin van het Keern), langs de Noorder Veemarkt, Veemarkt, Baanstraat en Noorderstraat naar de Koepoort, vandaar langs Achter de Vest, Jeudje (aan de stadskant van het water van de Vollerswaal), langs de Oude Oosterpoort aan het begin van het Grote Oost, vandaar langs de Slapershaven tot op het Baadland. In 1510 is de stadswaartse knik in de muur van het stuk Veemarkt-Baanstraat rechtgetrokken. In 1541 is de muur op het Baadland doorgetrokken tot de haveningang (nu sluis) bij de Hoofdtoren.
     In 1577 werd een nieuwe muur opgericht vanaf Achter de Vest bij de Catherinatoren (gelegen tussen de Mariatoren en de Pakhuisstraat) richting de Veliusbrug, langs het Oosterplantsoen (aan de stadskant van de Oosterpoortsgracht) tot de Nieuwe Oosterpoort, langs het ABC en Binnneluiendijk tot het Baadland en sloot daar aan op de stadsmuur uit 1508-1541.
     In ca. 1615 is nog een muur gebouwd vanaf de Nieuwe Oosterpoort over het voormalige vuilnisbeltterrein, door het Julianapark en langs de Vluchthaven tot de punt van het Julianapark tegenover het Houten Hoofd (d.i. de Buitenluiendijk).

Na deze ontwikkelingen hebben gedurende ca. 300 jaar (tot 1910) geen nieuwe stadsuitbreidingen plaatsgevonden en is het stadsbeeld niet ingrijpend veranderd, met uitzondering van de demping of overkluizing van een flink aantal stadswateren (met het daarmee verdwijnen van bruggen en overhalen). Wel zijn kort na 1630 belangrijke havenwerken uitgevoerd.   


Hoorn wallen

De stadswallen en -muren van Hoorn vlg. Velius (hertaling, 2007).
- Groen = 1426
- Bruin = 1508, 1510, 1541
- Blauw = 1577
- Rood = 1615   



Stadsuitbreidingen in de 20e eeuw
De eerste huizen van de stadsuitbreidingen van Hoorn buiten de singels zijn gebouwd in 1910 aan de Koepoortsweg en aan de Venenlaan. De Koepoortsweg is een van de oudste wegen/straten van Hoorn. Het was een landweg langs het water van De Tocht, aan de monding waarvan Hoorn is ontstaan, en wordt met name genoemd in 1633 (Vervolg op Velius, p. 14). Aan de Koepoortsweg lagen in 1910 tuinen en er stonden al huizen o.a. buitenverblijven van welgestelden uit de 18e eeuw en veel huizen uit eind 19e eeuw. Ook de Venenlaan bestond al vóór 1910, komt voor op de plattegrond van Velius uit 1615 en wordt met name genoemd in 1659 (Vervolg op Velius, p. 23). In de 19e eeuw is een deel van de Kielhaven gedempt (het open gebleven deel is de huidige Vluchthaven) en in de jaren 1933-1936 is op en rond de Buitenluiendijk het Julianapark met sportvelden aangelegd. Pas na 1960 begonnen de grote stadsuitbreidingen: in 1966 de Grote Waal, in 1971 de Risdam en in 1981 de Kersenboogerd.



Hoorn stadswateren


De stadswateren van Hoorn.

In Hoorn hebben veel waterlopen bestaan. De meeste ervan zijn gedempt, of overkluisd om te kunnen gebruiken als riolen (zie de rioleringskaarten aan het eind van de site). Een aantal waterlopen bestaat nog steeds als open water. Op de bovenstaande hedendaagse plattegrond van Hoorn zijn alle stadswateren die ooit hebben bestaan, ingetekend in blauw. In bruin is de Westfriese Zeedijk (Kleine Oost, Grote Oost, West) weergegeven, en in groen een 13e eeuwse landweg (Kleine en Grote Noord). Op het ontmoetingspunt van de landweg, de dijk en de Tocht (Gouw) is in het begin van de 13e eeuw Hoorn ontstaan. Dat was ter plaatse van de Rode Steen. Daar mondde de Tocht uit in de Zuiderzee via een sluis in de zeedijk. De Westfriese Zeedijk liep oorspronkelijk rechtdoor van het West naar Schardam. De huidige Westerdijk is een zgn. inlaagdijk die dateert uit 1380-1390. Tot 1432 wordt de oude dijk naar Schardam nog vermeld, daarna niet meer. In 1580 is een aantal stadswateren gemeen gemaakt met het zeewater om ze te kunnen doorspoelen met zeewater.
(lees meer ....)  


De stadswateren met naam en jaartal

- Achterom, Achterburgwal (bestond al in de 13e eeuw?; overkluisd in 1654)

- Appelhaven (gegraven in 1420; oostelijk deel gedempt in 1759, westelijk deel open)

- Baanstraat (gegraven in 1508; gedempt tussen 1615 en 1630)

- Breed, Smerighorn (bestond al in de 13e eeuw?; gedeelte tussen het Nieuwe Noord en het Grote Noord overkluisd in 1665, gedeelte tussen Grote Noord en Westerpoort gedempt in 1741)

- Gerritsland (gegraven in 14e eeuw?; overkluisd in 1619)

- Gouw (bestond al in de 13e eeuw; overkluisd in 1584)

- Grote Havensteeg (het verbindende water tussen de sluis nabij de Rode Steen en de Nieuwendam heeft vermoedelijk iets ten oosten van de Grote Havensteeg gelegen; het is waarschijnlijk in 1420 gedempt, tegelijk met de demping van de Kerkstraat)

- Kerkstraat (bestond al in de 13e eeuw; gedempt in 1420)

- Kuil (bestond al in de 13e eeuw?; overkluisd in 1684; spui aan de Westerdijk vervallen en uiteindelijk gesloopt in 1752-1770)

- Munnickenveld (gegraven tussen 1560 en 1582; via overhaal uit ca. 1585 verbonden geweest met de Turfhaven; open)
- Nieuwe Noord - Glop (gegraven voor 1560; overkluisd in 1595, deel van gewelf ingestort en vernieuwd in 1760)

- Nieuwland (bestond al in de 13e eeuw; open)
- Nieuwstraat (bestond al in de 13e eeuw; overkluisd in 1561)
- Noorderstraat, water aan de binnenzijde (stadskant) van - (gegraven voor 1560; gedempt tussen 1596 en 1615)
- Noorderveemarkt, Noorderplantsoen, Spoorsingel en Draafsingel tot aan de Veliusbrug (gegraven in 1510; westelijk deel gedempt tussen 1869 en 1884; oostelijk deel open)
- Koepoortsbrug over de stadsgracht (gebouwd in 1510)
- Veliusbrug over de stadsgracht (gebouwd in 1910)
- Oosterpoortsgracht (gegraven in 1577; tussen de Veliusbrug en de Oosterpoort; open)
- Peperstraat (gegraven in 14e eeuw?; gedempt in 1585)
- Ramen (gegraven voor 1560; overkluisd in 1598)
- Rode Steen (de sluis nabij de Rode Steen is in 1420 ontmanteld, gelijk met de demping van de Kerkstraat; daardoor is toen de verbinding van de Tocht-Gouw met het water langs de Nieuwendam verbroken)
- Scharloo, Varkensmarkt (gegraven in 1426; gedempt tussen 1869 en 1890)
- Tekvaart naar Amsterdam (gegraven in 1660; open)
- Trommelstraat (gegraven in 14e eeuw?; overkluisd in 1593, deel van gewelf vernieuwd in 1772)
- Turfhaven, Hoge Bergen (gegraven in 1426, westelijk deel gedempt omstreeks 1880; oostelijk deel open)
- Vollerswaal (gegraven in 1510; uitgediept in 1579; deel open, verbinding met de stadsgracht Achter de Vest afgedamd omstreeks 1577)
- Vale Hen, Varkensmarkt (gegraven in 1426; gedempt tussen 1890 en 1924)
- Veemarkt, Waaitje, Uytermeyen, Agter de Vrouwenkerk (gegraven in 1426; gedempt in 1897)
- Watertje (gegraven in 1577; gedempt in 1980)
- Warmoestraat (gegraven in 14e eeuw?; overkluisd in 1593)
- Westerpoortsgracht (gegraven in 1508; langs de Westersingel; open)

Opmerking over de Vollerswaal
De Vollerswaal is in 1510 gegraven als een deel van de stadsgracht buiten de stadsomwalling van 1510. Na de aanleg van de omwalling van 1577 is hij afgedamd, ongeveer ter plaatse van de volière Achter de Vest. In 1579 is hij uitgediept en kreeg toen de naam Vollerswaal. Vanaf 1580 was hij een van de stadswateren die vanaf die tijd werden doorgespoeld met zeewater. Het kan verwarring wekken, dat Velius in zijn Kroniek van Hoorn uit 1648 vermeldt, dat de Vollerswaal in 1566 volledig is gedempt. Dat is echter een ander water geweest dan de Vollerswaal die we nu nog kennen. Velius omschrijft het water dat werd gedempt als "een groot, diep water tussen de stadsvesten en de achterste huizen van de Begijnenkloosters aan de Gouw ". Velius schrijft voorts dat na de demping "deze plaats deels is gebruikt voor de bouw van de huizen aan de Jodenstraat (Jeudje), die nog dikwijls de Vollerswaal genoemd wordt, en deels voor de nieuwe Turfhaven." Mogelijk is de "oude" Vollerswaal een deel van de stadsgracht geweest die hoorde bij de stadsomwalling van 1426. Deze liep iets binnen de omwalling van 1510 toe op de Oude Oosterpoort tussen het Grote en Kleine Oost. Het water werd Vollerswaal genoemd, omdat de "vollers" van de lakenweverijen in de stad daarin de lakens uitwasten. De naam is in 1579 overgegaan op de Vollerswaal die nu nog bestaat. De huidige Vollerswaal staat ook bekend als Modderbakken, en wordt op sommige oude stadsplattegronden ook aangeduid als Slapershaven (o.a. bij Blaeu).
Zie: Velius, Theodorus, 1648 (hertaling 2007 door Jan Plekker en Rob Resoort), Kroniek van Hoorn. Publicatiestichting Bas Baltus, Bronnenreeks Hoorn, Deel 1.

Opmerking over de verbinding tussen de Rode Steen en de Nieuwendam

Het water van de Tocht-Gouw-Nieuwstraat-Kerkstraat mondde in de 13e-14e eeuw via een sluis iets ten oosten van de Rode Steen uit in het buitendijkse water langs de Nieuwendam. In 1420 is de Kerkstraat overwelfd of gedempt en de sluis bij de Rode Steen ontmanteld. Waarom heeft men dat gedaan? Een verklaring voor het dempen van het deel van de Tocht in de Kerkstraat zou kunnen zijn, dat de demping onderdeel was van een plan om de afwatering van het betreffende deel van West-Friesland op de Zuiderzee buiten Hoorn om te doen plaatsvinden. Klik hier voor meer info. In 1420 is ook de verbinding met het water van de Nieuwendam verbroken. Dit verbindende water heeft vermoedelijk iets ten oosten van de Grote Havensteeg gelegen.


Hoorn Turfhaven

Gezicht op de Turfhaven, links het plantsoen van het Dal. De Turfhaven is gedempt rond 1880.

Havens
- Appelhaven (gegraven in 1420; oostelijk deel gedempt in 1759, westelijk deel open)
- Binnenhaven, vroeger Oude Haven genoemd (gegraven in 1534; tussen de Oude Doelenkade en Baadland; open)
- Buitenhaven, vroeger Oosterhaven genoemd (aangelegd in 1642; open)
- Buitenluiendijk en Vluchthaven, vroeger Nieuwe Haven, Oude Nieuwe Haven en later Kielhaven genoemd, een deel heette de Rommelhaven (aangelegd in 1608; open)
- Grashaven, vroeger Westerhaven genoemd (aangelegd in 1642; Oostereiland, Visserseiland en Lantaarndijkje (Hay) aangelegd in 1657-1662; open)
- Hoofdtoren (gebouwd in 1532)
- Houten Hoofd (gebouwd in 1464, verlengd met knik in 1608)
- Karperkuil (gegraven in 1577; open)
- Nieuwendam, Bierkade en Venidse, water langs - (bestond al in de 13e eeuw?; open)
- Sluis (sas) bij de Hoofdtoren (gebouwd in 1778)


Hoorn Buitenhaven

De buitenhaven van Hoorn tijdens restauratie van het Houten Hoofd, rechts het Oostereiland.


De plattegronden


Hoorn Van Deventer 1545

Hoorn, Van Deventer 1545 (noord is boven). Klik hier voor meer informatie over de stadsplattegronden van Jacob van Deventer.




Hoorn Van Deventer 1560

Hoorn, Van Deventer 1560 (noord is boven) (Westfries Archief)



Hoorn Van Deventer 1560

Hoorn, Van Deventer 1560 (uitsnede). De bebouwing is weergegeven in bruin. Daardoor is goed te zien dat een flink deel van het grondgebied van de stad binnen de wallen nog niet is bebouwd, met name in het noordelijk deel. Concentraties van de bebouwing bevinden zich o.a. langs de Westfriese Zeedijk (Grote Oost en West) en het Kleine en Grote Noord. Het is interessant om te zien hoe dit zich ontwikkelt op de volgende kaarten. Het merendeel van de stadswateren is nog open, met uitzondering van de Kerkstraat en de verbinding via de Rode Steen met het buitendijkse water. De stadswal is die van 1508-1510-1541. Zie het overzichtskaartje van de stadswallen hierboven (noord is boven).

Hoorn telde in de vijftiende eeuw negen kloosters (beter: conventen) binnen de wallen, en vlak buiten de stad stonden er nog twee. Diverse kloostergebouwen staan ingetekend (in zwart) op de plattegrond hierboven. Aan het begin van de zestiende eeuw besloegen de kloosterbezittingen 40% van de oppervlakte binnen de stadsmuren. Dit verklaart een deel van het onbebouwde terrein binnen de wallen in 1560. Aan dit bloeiende kloosterleven kwam een einde, toen Hoorn in 1572 de zijde van Willem van Oranje koos in de strijd tegen de Spanjaarden. De kerken gingen over in protestantse handen en de kloosters werden gesloten. De gebouwen en terreinen hiervan kregen andere bestemmingen. Daarna werd er druk gesloopt en gebouwd. Ten tijde van de verschijning (1649) van de plattegrond van Hoorn van Blaeu (zie verderop) waren de kloostergebouwen dus al tientallen jaren niet meer in gebruik als klooster. De namen van de kloosters bleven in de volksmond nog lang voortleven, en daarom werden ze nog door Blaeu in 1649 vermeld op de plattegrond. Meer hierover is na te lezen op de website van de Maquette van Hoorn Anno 1650.


Hoorn Guicciardini 1582

Hoorn, Guicciardini 1582. De stad is uitgebreid door de bouw van de stadswal uit 1577. De Karperkuil is toegevoegd. Het water van de Nieuwstraat is overkluisd. De Nieuwe Oosterpoort is gebouwd (noord is onder) (Westfries Archief)



Hoorn Utenwael 1596

Hoorn, Utenwael 1596. Het water van de Gouw is overkluisd. Het polderwater is afgesloten van het stadswater en er zijn drie overhalen gebouwd (Breed, Dal, Watertje). Dit vanwege het gemeen maken in 1580 van een aantal stadswateren met het zeewater om ze te kunnen doorspoelen met zeewater (noord is onder) (Westfries Archief).



Hoorn Utenwael 1596

Hoorn, Utenwael 1596 (noord is onder).




Hoorn Velius 1615

Hoorn, Velius 1615. De Buitenluiendijk en de Kielhaven (links boven) zijn aangelegd (Westfries Archief). Op de kaart van Blaeu (zie verder) wordt de Kielhaven aangeduid als 'Oude nieuwe haven' (noord is onder).



Hoorn Buitenluiendijk

De Buitenluiendijk en de Kielhaven ingetekend op een moderne plattegrond van Hoorn (naar Schrickx, 2010) (noord is boven).



Hoorn Boxhorn 1632

Hoorn, Boxhorn 1632 met stadsbeeld uit 1615 . Het Gerritsland, overkluisd in 1619, is hier nog water (noord is onder).




Hoorn Martin Zeiller 1659

Hoorn, Martin Zeiller, 1659, de situatie nog zonder de nieuwe havens en het Gerritsland nog open water (noord is onder).



Havenuitbreidingen (Nieuwe Havens)
Op de volgende kaarten staan de Nieuwe Havens ingetekend. Volgens Saaltink (Vervolg op Velius, p. 16, voetnoot 27) werden in de periode 1630 tot ca. 1632 nieuwe havens aangelegd door het heien van paaldammen. Deze werden Nieuwe Havens genoemd. De meest oostelijke daarvan is de huidige buitenhaven met daarin het Houten Hoofd en het Grote Gat met de vuurtoren. Oostelijk daarvan is een exercitie- en schietterrein en in 1933-1936 een sportterrein en het Julianapark aangelegd. De middelste van de drie Nieuwe Havens is de huidige Grashaven, begrensd door het Oostereiland, het Visserseiland en de Haai. De westelijk Nieuwe Haven (ten westen van het Visserseiland) is er nooit gekomen. Volgens Van Tartwijk (in Hoorn en de Zee, 2002, p. 39) zijn de Nieuwe Havens aangelegd rond het jaar 1642.




Hoorn Pott

Hoorn, Pott 1648. De Nieuwe Havens hebben nooit zo bestaan als ze hier hier afgebeeld (noord is boven).



Hoorn Pott

Hoorn, Pott 1648 (deel) (noord is boven).



Hoorn de Parival 1697

Hoorn, de Parival 1697 (noord is onder)




Hoorn De Parival 1697

Hoorn, De Parival 1697  (overgenomen van Pott?). Het Gerritsland is overkluisd in 1619 maar is hier nog open water (noord is onder).




Hoorn, Blaeu 1649

Hoorn, Blaeu 1649 met stadsbeeld uit 1630 (noord is onder) (Westfries Archief). Van de Nieuwe Havens zijn hier alleen de dammen ingetekend die de omtrek aangeven van de nog verder aan te leggen havens. Hoewel ook de paaldam van de westelijke Nieuwe haven staat ingetekend op deze kaart uit 1649 is hij volgens Saaltink pas geplaatst in 1663 en in 1775 weer uitgetrokken en verkocht. De westelijke Nieuwe haven is er dus nooit gekomen.

De kaarten van Blaeu zijn achtereenvolgens ook uitgegeven door Janssonius, Frederick de Wit en Covens en Mortier. Schrickx (2011) schrijft in dat verband in WAR22:
Stadsplattegronden uit de tweede helft van de 17de eeuw en vrijwel de volledige 18de eeuw  ontbreken. De kaarten die in die periode gemaakt werden, waren kopieën van of gebaseerd op de kaart van Blaeu. Pas uit 1796 dateert een echt nieuw gemaakte stadsplattegrond: de kaart van Doesjan.

Op de kaart van Tirion uit 1743 zijn alleen bouwblokken weergegeven, geen afzonderlijke panden.




Hoorn Blaeu 1649

Hoorn, Blaeu 1649 ingekleurd (noord is onder).




Hoorn De Wit 1698

Hoorn, Frederick De Wit 1698 (noord is onder).




Hoorn Covens-Mortier 1738

Hoorn, Janssonius 1690, Covens-Mortier 1738 (noord is onder).



Hoorn Tirion 1743

Hoorn, Tirion 1743. Dit is de eerste kaart waarop de Nieuwe Havens werkelijkheidsgetrouw zijn weergegeven. De westelijke Nieuwe Haven (die er nooit is gekomen) is hier weggelaten. Langs de zeezijde van de Buitenluiendijk is een stuk land aangeplempt dat de eerste aanzet was voor het latere Julianapark (noord is onder).




Julianapark

Het Julianapark in aanleg.

Zie: C.P. Schrickx, 2010. West-Friese Archeologische Rapporten nr. 19. Archeologische begeleiding van het ontgraven van het oefenveld van HVV Hollandia in het Julianapark in Hoorn. Twee citaten daaruit:

"Vanaf de 19de eeuw werd het gebied rondom de Buitenluiendijk gebruikt als exercitie- en schietterrein van het garnizoen en de twee Hoornse schietverenigingen J.P. Coen en St. Sebastiaan. Het garnizoen verliet in 1922 de stad Hoorn en de schietverenigingen waren al eerder opgeheven. De schietheuvel in het Julianapark herinnert nog aan de periode als schietterrein.
"

"In 1933 werd als werkverschaffingsproject het gebied ingericht als sportterrein. Hiervoor werden tevens nieuwe paden, wegen, platsoen, parkeer-terrein en tribune gemaakt. Het terrein werd grootschalig opgehoogd en een deel van de benodigde grond werd verkregen door de Vluchthavendijk af te graven en in het park een vijver aan te leggen. In 1936 kreeg het park de naam Julianapark. Op 25 juni 1941 werd het gebied gevorderd door de Ortskommandantur. De Duitsers legden langs de kust een verdediging aan. Na het einde van WOII werd het gebied weer in gebruik genomen als sportterrein. Blijkens een schrijven van de Hoornse Schietvereniging uit 1957 was hierbij ook een schietbaan aanwezig. Zij vroegen toestemming om “in de zomermaanden gebruik te mogen maken van de schietbaan in het Julianapark, welke niet alleen voor pistool, doch ook voor karabijn te gebruiken is”. Vanaf de jaren 50 vestigde zich voetbalvereniging Hollandia in het Julianapark, en is daar dus inmiddels al bijna 60 jaar lang gevestigd.
"




Hoorn en omgeving 1743

Hoorn en omgeving, Govert Oostwoud 1743. Het stadsbeeld is nog dat van vóór 1630. Van de Nieuwe havens zijn alleen de paaldammen ingetekend. Het interessante van deze kaart is de weergave van de omgeving van Hoorn (Westfries Archief).



Hoorn Doesjan 1794

Hoorn, Doesjan 1794 (noord is onder).



Hoorn Kadaster 1832

Hoorn, Kadasterkaart 1811-1832, westelijk deel, opgemeten door S.P. van Diggelen




Hoorn Kadaster 1811-1832

Hoorn, Kadasterkaart 1811-1832, oostelijk deel, opgemeten door S.P. van Diggelen

 



Hoorn Kuypers 1868

Hoorn, Kuypers 1868 (noord is boven).


Rioleringskaarten


Hoorn Graftdijk 1884

Hoorn, Graftdijk 1884, kaart met de stadsriolen (in blauw) met de daarop aansluitende afvoerputten en brandspuithuisjes.




Riolering Hoorn 1842

Hoorn, Van Asperen, 1842, Ontwerp voor een rioleringssysteem (Grote Kerk Rijksmonument nr. 333542, zie ook A en B).




Hoorn rioleringskaart

Hoorn, Rioleringskaart, Van Akerlaken, met enkele straatnamen toegevoegd (ca. 1850).




Hoorn Van Asperen 1838

Hoorn, Van Asperen 1838, rioleringssysteem omgeving van de Grote Kerk.


Op 20 januari 2015 is in het Glop in Hoorn een onderaardse gang ontdekt door instorting van de bestrating. Het betreft een deel van een oude overkluisde stadswaterloop. De gang is een overkluisd riool tussen het Glop en het Kerkplein. Hij loopt onder de Boterhal (vroeger Sint Jans Gasthuis), tussen de punten 12 en 14 op bovenstaand kaartje. De situatie ter plaatse wordt beschreven door C. Boschma-Aarnoudste in haar boek 'Het Sint Jans Gasthuis in Hoorn' uit 1998 (pp. 36-37). Klik hier voor de tekst. Zie ook het artikel van C. Schrickx ('De ontdekking van een onderaardse gang') in Het Kwartaalblad van de Vereniging Oud Hoorn, 2015, nr. 1, pp. 4-7.   


Hoorn 2000

Het centrum van Hoorn, 2000 (noord is boven).


Bronnen
- Bonke, H. en Bossaers, K., 2002. Heren investeren. De bewindhebbers van de West-Friese Kamers van de VOC. Stichting Museaal en Historisch Perspectief  Noord-Holland, Haarlem-Hoorn-Enkhuizen, 156 pp.
- Boschma-Aarnoudse, C., 1998. Het Sint Jans Gasthuis te Hoorn. Publicatiestichting Bas Baltus, Bouwhistorische Reeks Hoorn, deel 8.
- Brouwer, D., 1938. Tweede vervolg van de historie van Enkhuizen, in aansluiting op de "Historie van Enkhuizen" van G. Brandt, uitgave 1666, en het Vervolg door S. Centen, uitgave 1747, aanvangende 1679. Over de Linden, Enkhuizen.
-
Lesger, C.M., 1990. Hoorn als stedelijk knooppunt. Hollandse Studiën 26, Uitgeverij Verloren, Hilversum, 240 pp.
- Saaltink, H.W., z.j. ca.1980. Hoorn in kaart. Vier eeuwen Hoornse stadsplattegronden. Uitgave Stichting De Hoofdtoren, Hoorn. 152 pp.
- Saaltink, H.W., 1992. Vervolg op de Chronyk der Stad Hoorn van de heer Dr T Velius. De boeiende jaren tussen 1630 en 1799. Publicatiestichting Bas Baltus.
- Schrickx, C.P., 2007. Archeologisch onderzoek naar Westerdijk en Westerpoort. Hoorn Onder Ons, nr. 3. Gemeente Hoorn.
- Schrickx, C.P., 2010.  Archeologische begeleiding van het ontgraven van het oefenveld van HVV Hollandia in het Julianapark in Hoorn. West-Friese Archeologische Rapporten 19.
- Schrickx, C.P., 2011.  Tussen de Kleine Havensteeg en de Halvemaansteeg Archeologisch onderzoek op het perceel Kleine Havensteeg 7-9 in Hoorn. West-Friese Archeologische Rapporten 22.
- Schrickx, C.P., 2015. De ontdekking van een onderaardse gang. Kwartaalblad van de Vereniging Oud Hoorn, 2015, nr. 1, pp. 4-7.   
- Schrickx, C.P., 2016, Bethlehem in de Bangert, Uitgeverij Verloren.
- Velius, Theodorus, 1648 (hertaling 2007 door Jan Plekker en Rob Resoort), Kroniek van Hoorn. Publicatiestichting Bas Baltus, Bronnenreeks Hoorn, Deel 1.

Illustraties
- Historische kaarten: public domain
- Westfries Archief Hoorn
-
Kadasterkaarten - Creative Commons Collectie Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed